Free write

Mijn leven leef ik als ’n groot feest, alleen moet je zelf de slingers ophangen. Maar ’t leven kan ook verschrikkelijk pijn doen, zoals ’n mooie rode roos. Zo fleurig, maar er zitten doorntjes aan en die doen pijn als een speldenprik.

Dan liever op de kermis, met ’n draaimolen en knikkeren in de zonneschijn. Met allemaal zonnestraaltjes, dat zijn de lieve mensen om mij heen!

Diana ’24

De schoot van de godinnen

Ik zie je overal, doe je overall uit, over all gezien zie ik je, all over… is het nu al over?

Moeilijk te bevatten, gezien ik je overal zie, ben je daar nog? Van de berg gevallen? Of aan de blauwe hemel? Er zijn vast meerdere berggevallen, vallende berg is de oplossing, zegt Vallende Berg, het indianenopperhoofd, door erosie, zegt Splijtende Berg, zijn stamoudste. Ik denk aan de blauwe hemel, maar mogelijk is die grauwe kloof hoopvoller, dood liever levend… tenzij in het eerste geval de blauwe hemel leven herbergt… Mogelijk zou dan het eerste geval alsnog kunnen. Hopelijk leef je in die vallei, de schoot van de godinnen, lelie van de vallei, het besluit is afdalen, niet afdwalen. Door afdaling stijg je, in mijn achting, ik hoop je vruchtbaar te vinden, in verwachting.

Ik zal je wederzien.

Marcellius

Als ik een landschap was

Als ik een landschap was. Dan was ik een weiland, in alle verschillende tinten groen, afhankelijk van de zon die op me brandt, en de wind die met mijn grashalmen speelt. Ze buigen en weerbuigen, ze glimmen en zwaaien naar de zon. Ik hoor de grutto’s en ik zie de kleine pulletjes krioelen door het gras terwijl ze insecten verorberen.

Ik hoor de stem van de leeuwerik jubelen, heel hoog in de lucht. Een enkele haas beroert mij, al rennend in zijn vlucht. De bloemen in mijn vacht die mij kleuren zijn helder en vruchtbaar, net als de aarde die mij de kracht geeft alles op mij te laten groeien. Mijn uitzicht is groots, is ruimte, en ik bied het uitzicht de ruimte om mij te omarmen, binnen de bosschages aan mijn zijkanten.

Onder mij in de koele, vochtige grond zetelt de bron van mijn bestaan, bacteriën, voedingsstoffen, wormen, mollen en ander leven dat de bodem rul, bros en eetbaar maakt. Soms zie ik reeën. Soms zie ik groepen vogels overtrekken naar het zuiden, naar het noorden, en weer terug.

Maar nooit zal ik mijn plaats verlaten. Voor eeuwig gevoed en voor eeuwig voeding, in licht en in donker, in vocht en in warmte. Met de wisseling van de seizoenen wissel ik van uiterlijk. En dat zal eeuwig zo zijn.
Als ik een landschap was….

Ineke

Tekens om het gebaar

vrijheid van denken 

in woorden laten klinken,  

uit een echte blik 

op een ervaren vorm, van 

het andere beleven.. 

Opgedragen aan publiek worden

Stolkende

Herstelde zin

​Mensen die ‘iets’, een probleem of crisis, hebben meegemaakt worden vaak geïdentificeerd als mensen met dat probleem, terwijl ze veel meer mens zijn, en soms allang over dat probleem heen zijn. Het is eigenlijk een probleem dat de hele samenleving heeft en dat dan wordt vastgepind op die ene persoon. Of op meerdere mensen, die daardoor gedwongen worden zichzelf te beschouwen als groep, maar verder weinig met elkaar gemeen hebben.

Wat ik mis is een plek voor ‘eindelijke verhalen’. Herstelverhalen maar toch anders. Herstelverhalen zijn voor zover ik weet, ik-verhalen, over je veranderde leven. Terwijl eindelijke verhalen herstel behandelen vanuit een wij-perspectief. In mijn idee van de wereld zijn we geen op zichzelf staande individuen, maar individuen in een samenleving. Een samenleving die nog hersteld moet worden, denk ik, omdat we dan eindelijk weer in staat zijn om niet alleen te overleven, maar ook kunnen en mogen samenleven zonder ge(dis)kwalificeerd te worden.

Wat een lap tekst, maar sommige kwesties zijn nu eenmaal niet zo simpel.

Adonis