Als een baby geboren wordt, houd je het vast tegen je hart. Later zeg je ‘heb je je bezeerd, hartje?’. Je hoopt dat zij niet harteloos wordt. Toch gaat dat hartje weleens nukken. Dan valt het beeld van hart in stukken. Hartig eten, de een houdt ervan, de ander niet. Binnen gezinnen kunnen daar hartige meningsverschillen uit komen. Hart smijten op een ander zijn hart is een symptoom tegenwoordig. Hart liegen kom je weleens tegen, oh wat harteloos. Om oude harten wordt niet meer gegeven. Die kijken en smeken maar zijn ondertussen hart geworden. Oude harten kunnen wel erg hart praten. Ze vergeten dan de andere harten. Liefde met heel je hart, wat naar als daarop getrapt wordt. Bijna zou je daar zelf harteloos van worden. Dan heb je kans dat niemand jou hartelijk meer vindt. En het mooiste dat je kan overkomen? Een hartelijke man, waarnaast je zelf ook hartelijk wordt. Hartelijkheid maakt je rijk!

JUUT