In de Dirk

Wat ik gisteren meemaakte, tart waarlijk elke beschrijving.
In de Dirk was ik, de supermarkt waar ik het liefst zo kort mogelijk ben om mijn bescheiden inkopen te regelen. Het was midden in de middag, niet eens druk. Ik bemerkte dat een keurige oude dame poogde met haar stok een grote glazen pot ingemaakte augurken naar voren te krijgen op het schap. Dat lukte niet goed en haar vergeefse prikken met de stok trok mijn aandacht. ‘Zal ik haar helpen’, vroeg ik me af, maar het was al te laat. De pot met inhoud kletterde op de vloer en de augurken rolden rond terwijl de lucht zich verzadigde met de stank van azijn. Van schrik liet een man een paar meter verderop een fles vierge olijfolie uit zijn handen vallen en gleed meteen uit over zijn zelfvoortgebrachte ongelukkige plas olie. De mand met flesjes Maggi brak gelukkig zijn val en gaf tevens cachet aan de geurenwirwar. Een aangesneld personeelslid caprioolde ook in de maagdelijke olijfolie en de oude dame stond stokstijf van verwarring. Uit een ooghoek zag ik dat twee knapen hun binnenzakken deskundig vulden met flessen wijn die ze overduidelijk niet wensten af te rekenen. Een man pakte een stuk Brie en at het op, terwijl de chaos toenam. Plunderdrang had de macht overgenomen.
Dit is natuurlijk een veelvoorkomende situatie bij de Dirks en Albert Heijns, maar wat mij schokkend beklijfde was mijn eigen gedrag. Ik snelde naar de gebaksafdeling en begon zo gretig mogelijk de Bossche Bollen te verorberen, eten, vreten, schrokken, dat de slagroom op snor, wangen, kin en neus aankoekte. Toen de gemoederen bedaard waren heb ik de dozen maar afgerekend en ging eigensweegs. Je bent ouder en wars van risico’s nemen.

Albert

Een boterham

Er valt een traan op een boterham *
Een boterham van tranen
Tranen vallen als een waterval
Waterval van boterhammen
Hammen van boter
Boterberg
Meren van melk
Land van melk en honing
Honingbij laat een traan
Van verdriet
* Uit: Openingszinnen van Joost Oomen

Ronald Pessy

Vrij naar “Poor Things”

inhoud en context
ontstaan, mensen en dingen
zijn in functie van
bestaan, interactie doet
vorm in tijd uitstaan: ruimte.
Opgedragen aan Bruno Latour

Stolkende

Plantenbak

Hier sta ik, ik kan niet anders.
Met velen werden we ingepakt en ingeschoven op een grote laadwagen en vervoerd naar de plek des onheils. De ongeveerde wagen hobbelde over de straat met keien. Het publiek joelde: “Wat een saaie zooi, doe ze wat aan, doe ze wat aan!”
De hobbelzak van een chauffeur stopte na eene wijle. Bont en blauwgroen werden we eruit gejaagd. Daar werd men in een rechthoek gepositioneerd, rij na rij, kolom naast kolom. De zon scheen onbarmhartig op ons, het stof der aarde woei op in de wind. Het volk riep: “Vul ze, vul ze!”
Daar marcheerden de knechten in hun groenuniformen in carré op, de leiding voorop.
Het vonnis werd voltrokken: de bruine aarde vulde de gaten vol en het volk stormde naar
voren om het groen erin te zetten.
Mijn plaats bleek uiteindelijk ‘t balkon te zijn. Daar vond ik mijn rust. Het water bevloeide mij en ik voelde me een waterig watje. De groei zat erin, ik wilde me vergroten tot Napoleontische hoogte en soeverein regeren over mijn rijk. Toch, alas, dat was beperkt.
Liever zocht ik een perkje op met mijn bloemenvreugde.

Jaap Blokdijk

Doorsnee-dag stil gevierd

Gisteren was de Doorsnee-dag. Die werd in de hele wereld stil gevierd. Iedereen bleef thuis of ging aan het werk. Niemand hoefde ergens gezellig aan mee te doen. Er waren geen mensenmassa’s, geen festivals, geen luide muziek, geen troep, geen vuurwerk, geen activiteiten om iemand in het zonnetje te zetten.
Er was hier en daar wel dankbaarheid. Voor de rust, het alleen mogen zijn, het niks moeten – van een ander. Alle winkels waren gewoon open, alle kinderen naar school. Iedereen bleef in zijn ritme, niemand raakte overprikkeld. Op de Dam in Amsterdam protesteerden enkele mensen in feestkledij tegen wat zij deze ‘dag van de middelmatigheid’ noemden. De rest van de wereld merkte niets en genoot ervan.
Hopelijk vieren we volgend jaar weer samen de Doorsnee-dag. We laten u niets weten. U kunt zich bij uzelf aanmelden.

Monique

Omdat…

Vreemd fruit ook van oranje bomen houdt
We zo lang hebben gedaan alsof we beter waren
Die drie vingers eigenwijs onszelf bewijzen
Wij de wijsheid in pacht hebben gegeven
Wij onszelf zoveel eeuwen inhielden
Wij bij de beesten af… eten
Wij het immer beter weten
Wij het nimmer mogen vergeten
Wij denken dat sommigen meer waard zijn
De geschiedenis ons spiegels voorhoudt
Abel niet altijd de dader is

Heja

11 Jan 2024

Stilletjes, de liggende boom buiten voor de boot is bedekt met ijs.
Geen koet, geen vogel.
Waar zijn ze allemaal in deze kou?
Ik draai de thermostaat naar rechts en kruip weer in mijn warme nest.

Gelukkig, met ‘t rijzen van de dag zijn de vogels er weer en de verwarming doet het goed!

Ter herinnering aan onze lieve Noa

Didi du Dok

Relax!

Schaamte en Schuld. Wat heb ik met deze twee waarden of woorden.
Schaamte is als je je realiseert dat je iets gedaan hebt dat eigenlijk niet gepast is.
Dat betekent dat je een geweten hebt en kunt oordelen over goed en kwaad, fout of goed.
De normen en waarden krijg je normaliter bij je opvoeding mee.
Als gelovig en praktiserend katholiek meisje hield ik me er dagelijks mee bezig. Me steeds afvragend of het oké was wat ik deed, of gedaan had.
Een bekend verhaal uit het christendom is die van de Verloren Zoon. Ook de schilder Rembrandt heeft het op doek gezet.
De Verloren Zoon is het verhaal van een jongeman die zijn erfenis opeiste van zijn vader en vervolgens naar een ver en vreemd land vertrok.
Hij verkwistte zijn gehele erfenis aan feesten, vrienden en een exorbitante levensstijl. Niet denkend aan dat het geld niet tot in de hemel groeit. Op een dag realiseerde hij zich dat hij geen geld meer bezat. Je raadt het al, einde feestjes, de vele vrienden en levensstijl.
Door hevige armoede gedreven was hij genoodzaakt uit de voederbak te eten waar ook de varkens uit aten.
Wijs geworden, besloot hij toch maar weer naar huis terug te keren om zijn vader
excuses aan te bieden. De vader die zijn zoon zeer liefhad, vergaf het hem.
Dit verhaal uit het Lukas evangelie geeft goed aan wat schaamte en schuld is. En dat als je je fout realiseert, vergeving mogelijk is.
Ik betrap mezelf er vandaag de dag op dat ik een stuk losser, of gemakkelijker ben geworden in de schaamte.
Een klein voorbeeld: fietste ik vroeger op de stoep, sprak iemand me erop aan, dan schaamde ik me om wat ik gedaan had. Ik wist dat het niet mag en zeker niet netjes is.
Nu lach ik erom. Er zijn genoeg fietsers die ergere dingen doen en ermee wegkomen. Ik ben er nu echt heel relaxed over.

Denice

Echt wakker

Ik zit in een Regentenkamer
Hoor harde muziek buiten
Ik zoek de poort naar buiten
Door de drukte van de massa
Het is hier niet te doen
Ik verdwijn
Het wordt stiller en stiller
En ik word wakker
Echt wakker
Dit keer niet moe maar vol energie
Ik sta op van een blauwe bank
Die staat in een onbekende tuin voor mij
Wat is het hier mooi
En waarom ben ik zo blij?
Ik draag een jurk gemaakt door engelen
Het is hier zo ontzettend fijn
Een vrouw staat achter mij
Ze verwelkomt me met een zachte aai
Ik draai me om, ik ken haar, en zij mij
We hoeven niet te praten, dat is hier overbodig
De vloer voelt zacht onder mijn blote voeten
Het licht schijnt door roze bladeren
Maar ik heb geen zonnebril nodig
Verderop staat een harp, ik raak één snaar aan
En herinner me dat ik hierop kan spelen
Ik wil hier zo graag blijven
“Nog drie minuten”, zegt een man in de verte
Ik voel een tafel onder mij
Harde muziek van buiten
En ben weer terug
In de Regentenkamer

Einstein

Revalideren

Ik draai maar wat
rondjes
op deze wereld
langs ‘s heerenwegen

Het vagebondgevoel
wappert aan een stokje
en ik werk aan conditie
die petje huilerig is
vitaminen ten spijt

Rijden langs klaprozen
geel fluitenkruid
blauwe korenbloemen
en paarse huppeldepup

Een verademing na verblijf
in de hel
Haar vlammende chemicaliën
verwoesten de eetlust
en iedere meter afstand
moet bevochten worden

Maar de bomen zijn
lentegroen en 
de wolken eindeloos
wit

 

Pieter Groen

Onmogelijk?!

Er groeit een lelietje-van-dalen op mijn rechtervoet*
Er groeit een madeliefje uit mijn neus
Mijn nieren zijn vandaag weer uit wandelen
Ik heb een heel natuurlijk lichaam
Er is een tuintje in mijn hart
Voor iedereen die de natuur liefheeft
Tuintje, noem je dat een tuintje?
Dat is een woud zo groot als Afrika
Groen, groen, groen en nog eens groen
En alles blijft maar bloeien
Het wordt nooit herfst of winter
Altijd prettig zacht weer en een zonnetje
Ook een regenbuitje op z’n tijd
Een oerwoud in je hart
Hoe voelt dat
Heel goed, zalig, heerlijk!
Gelukkig hoef ik niets te doen
Oeps, er groeien wietplantjes uit mijn oren
Wat ben ik toch een geluksvogel
Straks lekker wat te roken…
Dan kom ik weer een beetje
In dromenland
Waar veel meer mag en kan
Dan in het gewone-land
Waar je helderziend en horend mag zijn
Mag praten met de bomen en het water
Kabouters, Elfen en Aliens

* Uit ‘Openingszinnen’ van Joost Oomen

 

Mayke

Verlanglijstje

07:00 Opstaan, langzaam aan, koude douche, kopje green juice
08:00 Ademhalingsoefeningen, Qi gong
09:00 Kijkje op het net, berichtjes, muziekje
10:00 Naar yoga
12:00 Lunch
13:00 Er op uit, stap voor stap de wereld in dwalen, verwonderen, bewonderen, praatje hier, kijkje daar, heeft ‘t zin
17:00 Thuis, de buis, avondmaal

Goede voornemens, leuke ideeën, van alles willen, maar ik ben niet alleen. Ik ben met z’n tweeën. Dat is één teveel. De één wil van alles, plezier en plezant, de mensen redden in het achterland. Vooruit met dat schip, ahoowaa Rohide. We moeten, en willen, en zullen, en doen.
Des avonds moe van het willen, en het niet doen. Verdwalen in het labyrint van m’n brein. Stotterend en stottend, gedachtentrein. De sprinter, gezellige scharrelaar, een pikje hier, een knabbeltje daar.
De nacht is zacht, zonder verre-wacht verwacht. Liggend in bed, schiet ik als een raket de kosmos in, op ontdekking reis ik zonder me te verplaatsen. Zonder stress en zonder haasten. Goed kijken, goed kijken, goed kijken.

Daniel Declerq

Revalideren

Ik draai maar wat
rondjes
op deze wereld
langs ‘s heerenwegen

Het vagebondgevoel
wappert aan een stokje
en ik werk aan conditie
die petje huilerig is
vitaminen ten spijt

Rijden langs klaprozen
geel fluitenkruid
blauwe korenbloemen
en paarse huppeldepup

Een verademing na verblijf
in de hel
haar vlammende chemicaliën
verwoesten de eetlust
en iedere meter afstand
moet bevochten worden

Maar de bomen zijn
lentegroen en 
de wolken eindeloos
wit

Pieter Groen

Gebruiksaanwijzing

De punt aan dit apparaat
zet u op papier
en u beweegt, zoals’ t gaat
uw hand een beetje heen en weer.
Bekijk uw resultaat.
Bent u tevreden?
Is dit een brief?
Voldoende duidelijk voor uw lief?
Zo niet, stort dan naast uw hand
de inhoud van uw hart
uit in de taal
die bekend is bij ons
allemaal.
Hoogdravende taal
vreemde woorden
zullen uw lief niet bekoren.
Maar ga aan de haal
met directe taal.
Zeg wat er in u leeft
en waarom uw hand zo beeft.
Uw lief zal u gaan begrijpen
en danst zeker naar uw pijpen.

Sytske van Bochove

Vrij reizen

Bij de halte Hugo de Grootplein stapte een oudere heer in tram 3.
Zijn vale, vermoeide gezichtsuitdrukking riep een sterk vermoeden van decennia aan
tegenslagen op. Het zou mij niet verbaasd hebben als hij onlangs uit een stoffige
bundel met ‘stukkies’ van Simon Carmiggelt was gekropen.

De man vroeg de tramconducteur netjes of ie “asjeblief een haltetje mee mog rije.”
Dat verzoek werd uiteraard ingewilligd. Zulk een vriendelijk en beleefd geformuleerd rekest kan immers niemand weigeren.

Bij de volgende halte verliet de man de tram. Ik zag hoe hij met twee volle plastic zakken naar de belenende bushalte stiefelde en daar op het bankje plaatsnam.
Wellicht wachtend op een bus waarmee ie weer ietsje dichter bij zijn uiteindelijke bestemming zou geraken.

Terwijl ‘mijn’ tram de hoek om reed, glimlachte ik hem na.
“Die komt er wel. Al is het niet vandaag, dan wel morgen.”

Karel T. Nooitgedacht

Seizoenen

Kleuren stijgen de bomen in
Een fonkelpracht van goud
Het heeft zin
De bladeren worden oud

Regen klettert neer op paden
En schept een dikke bruine moes
Het is tijd voor daden
Naar binnen vlucht de poes

De stemming gaat zakkende heen
Het jaargetijde grijpt meedogenloos in
Eenzaam maar niet alleen
Heeft het leven zin?

Dan staat de winter voor de deur
De stemming gaat omhoog
Eindelijk afgelopen met het gezeur
Het was de herfst die het uit me zoog

Weer helemaal de oude
Alhoewel
Natuurlijk griep en snipverkouden
Maar de winter is echt kinderspel

Wat verlang ik naar de lente
Naar ontluikende bloemen en zonneschijn
Een portie zon met rente
Dat is pas echt helemaal fijn

Corrie Kerssies-Kick

De missie van de Aards Overleveraar

Vrijmoedigheid en een briljant brein leveren leuke situaties op – of hele nare -.
Om dit te overleven moet je wel Aards Overleveraar zijn.
Humor is de grootste troef. Een goede grap gaat jaren mee en levert meer op dan aardse goederen en/of geld.
Het briljante brein laat alles 180 graden draaien. Of denkt door bij aangeboden denkbeelden. Bijvoorbeeld: als u wordt geslagen, keer dan ook uw andere wang toe.
In het verlengde hiervan ligt: bent u bestolen? Biedt dan ook de andere jaszak aan.
De bijbel verbiedt waarzeggers en toekomstvoorspellers. Dan moet je terug naar een grot, want klokken en roosters zijn waarzeggers en toekomstvoorspellers. Het huis waarin je woont, de brug waar je overheen gaat. Alles is voorberekend en dus voorspeld.

Wil men onrecht?
Men kan het krijgen. Een eigen deegkoekje. Als Aards Overleveraar en Levenskunstenaar bijt ik me daarin vast.
Dat willen ze niet.
“Laat het toch van je afglijden.” “Ga door met je Leven.”
Het aanpakken van doortrapt onrecht is mijn taak als Aards Overleveraar. Als
Levenskunstenaar laat ik zo’n kans niet aan mij voorbijgaan.
Ik neem mijn Leven zeer serieus – alles wat ik tegen kom.

En – pas op, ik zie alles.

Els

Zo Simpel

Sprookjes. Ik heb mijn zakken er van vol.
Wij willen in deze tijd zo graag dat er vooral vrede is, of komt. De wereld door een roze bril zien. Zo ook ik.

Slapend wil ik deze nacht creëren hoe het beter kan. Geen gezeur. Willempie’s toespraak geloofwaardiger maken, of is dat te veel gevraagd? Misschien iets beters?

Alhoewel…

Het land der dromen, wat een onzin! Realiteit hebben we nodig. Geen gemijmer over hoe het is of was. Laten we het zo realistisch maken als het maar mogelijk is.

Met deze gedachten leg ik mijn hoofd neder.

Maar… het lukt mij om niet kwade gedachten de hoofdrol te laten spelen.
Kwade gedachten passen mij niet.

Een nieuwe dag. Vooruit, de zon schijnt, de hemel is blauw, de bloemen laten het mooiste van de natuur zien, mijn buurman geeft me een zoen en iedereen groet elkaar en zingt.
De wereld doet haar best. Vrede voor iedereen!

Ada Klootwijk

PC Hooft

De pen, of pennen, waarmee ik m’n gedachten en emoties projecteer en mijn vorderingen, groei, toeval, de dromen, wonderen, het geschreven woord, deel, of de verhalen die tot leven kwamen. Hoe het kan lopen. Het pad terug. De krullen die ik maakte met de kroontjesvulpen die naar de hand ging staan als goed gereedschap of als wapen. Laat me leiden door de hand en de handen waar ik in belandde. De contracten die werden getekend. De bestellingen, debiteuren, crediteuren, balansen, de staat van het zijn, het verval, de groei en de bloei. Het begon met een lei en griffel, toen het potlood, vervolgens de inkt en de lap. Het vloeipapier. De set met pennenhouder. Hoe lang geleden dat die in de etalage van de PC Hooftstraat lag. Het was zeehondenbont, niet meer voor te stellen. Kreeg het kado. Het is lang met me meegereisd en in Bretagne ook weer weggegeven. Verbindingen die ik maak, een gedachtesprong, een eiland in de Zuiderzee voor Muiden. Het heet Hooft. Waar ik vorig jaar aan wal sprong en de nacht doorbracht met een bloedmaan.

Leo

Hopeloos is gisteren

De kerk in Diemen
blijft staan ondanks de meedogenloze regen
die erop zal striemen.
Verandering der verlichting.
Beloofd land voor wie?
Moed der wanhoop,
ze slaan zich samen erdoorheen,
al is het in strijd met de andere meid.

De hoop dus, alles op de grote hoop, de kerk is de hoop, hoop heethoofden in de kerk.
Neem de wereldvrede, niet jezelf, al te serieus, er is nog hoop en voor mijzelve dan ook?
Sinds ik bejubeld werd door die jonge deerne van 34 op tweede kerstdag zie ik weer hoop.
Ga niet met die typische gymnasiummeisjes in zee, zei mijn ex, daar is die strijd weer.
Bezet? Dat is de wc ook weleens… Jaloezie en kinnesinne, schik het voor jezelf in de
minne, zolang er daar wat te minnen valt hoef je niet naar de plus, dit keer geen kus van een
Rus, wat doen we met Poetin? Doodzwijgen? Dat zal lang duren. Ik hoop geen gelukkig
nieuwjaar voor hem, een kentering van het lot en een snelle afwenteling van de grote
ommekeer. “Dr Crimson wordt verstoten van de Krim”, of is dat een sprookje van Grimm?
Grimmig en schimmig zal het worden, is het al, hoe houden de Bedoeïenen van de Oekraïne zich staande?
Kreun, steun, houd moed, moeders en dochters!
Mondiaal, gooi tsaar Poetin en de zijnen op de grote hoop en… gaat er een hoop
veranderen?
Het zal wel moeten!
– Marcellius

Marcellius

Ons wij

Ik heb de vragen beantwoord
als je daar nog vragen over hebt 
voel je vrij om te vragen 
al weet ik niet of ik jou antwoord.
Ik ben een grensgeval. 
Ik sta niet vrij en zit niet vast.
Ieder die zich gelijk stelt met mij
hoort nergens bij, behalve ons wij.
We zijn constant in drukte.
Iedereen die aan ons voorbij gaat
is maar even vrij, of eigenlijk niet
want in tegenstelling tot ons wij 
moeten ze van huis heen en terug naar thuis.
En wij? Zijn wij dan nergens op weg naar toe?
ik denk van wel, ik voel van misschien, twijfel.

Adonis

Boeren, burgers en buitenlui!

De overwinning is aan ons! Aan het begin van de campagne wist ik al dat het in de sterren
stond! U weet hoe verknocht ik altijd gestreden heb voor onze zaak!
Hopeloze tv spotjes van onze tegenstanders geven nog meer reliëf aan deze overwinning,
die alleen nog maar overtuigender is geworden nu de complete wolvenroedel met
onbekende bestemming oostwaarts is afgedropen. Geen verse schoolboekjes hebben u
kunnen overtuigen van welke agitprop ook die de wolven u in de maag probeerden te
splitsen. Wij zijn en blijven scherp op onze zaak, waarbij ook de slagers hun geslepen
messen onverrichterzake moeten neerleggen. Ik zag er persoonlijk op toe dat de stallen leeg
blijven, mede door uw onvermoeibare spreekkoren. Geen slager, geen vee waagde zich nog
in de stallen. Speciale aandacht voor enkele sluipende boerenkatten heb ik me getroost.
Mijn intense slagschaduw over het landschap deed hen voor onbepaalde tijd onder het bed
verdwijnen.
Ik als voorzitter van onze partij verklaar dit land voor opgeruimd, stankvrij en definitief aan
mij en het bestuur onderworpen. Ons bestuur kan nu tot in alle hoeken en gaten het model
van de hardware die u later zult leren kennen, uitrollen. De bijsluiter in hoge oplage krijgt u
van mij gratis toegestuurd.
Dat zal ze leren, die tegenstanders met hun radiospotjes over goedkope voedselpakketten
als u maar op ze stemde. We maken voortaan ons eigen eten, als je de machine maar hebt.
Het paradijs is in het westen zeg ik u, vrij van wilde dieren, slagers, boerenkatten en ander
gespuis. Ik, koning Midas de Eerste der vossen, verklaar de kippenrennen voor geopend en
open bij dezen het feest!

Maarten Pieter

De overwinning

Beste wolken in de lucht
We hebben gelukkig gewonnen
Alles was geheel verzonnen
Het kostte ons geen zucht
Zelfs van alle zonnen
Die ons hebben getucht
En diegenen die zijn gevlucht
Met veel boetes en bonnen
Maar nu kunnen wij blazen
Naar wie maakt niet uit
We hebben nu de fluit
Ondanks al die grote bazen

Wij maken alles buit

JUUT

Wat zal het zijn?

Integriteit, betrouwbaarheid, geloven in jezelf en de ander, compassie voor jezelf. Is dat
verenigbaar met gebrek, met het idee dat er niet genoeg is voor iedereen? Juist deze tijd,
van kou, grijze wolken, kale bomen, weinig verse groenten en fruit, zou je denken dat je
jezelf van alles moet ontzeggen om in evenwicht te zijn met je omgeving. Maar juist deze tijd
is ook een tijd van een warme kamer, een open haard, samen zijn, samen eten en vieren.
Een gevoel van overvloed, van liefde, van geborgenheid, juist omdat de buitenwereld nors is
en onvriendelijk. Kleuren tegen de grijze achtergrond, van lichtjes en lachen, van volle
magen en leuke spelletjes in de warmte van elkaar.

Ineke

Het is altijd voor mij een klein wonder
Dat ik verhaaltjes en gedichten schrijf
 
Ik beschouw mijn schrijfsels niet als mijn eigendom
De Hemel is waar mijn verhaaltjes en gedichten vandaan komen
 
Ik beschouw me als een medium dat ze uit de lucht plukt
Ik ben een “Dreamcatcher”, als een sjamaan die op zijn trommel speelt
 
Ik pluk ze uit de onuitputtelijke bron van ons gezamenlijk wereldgeheugen
Zoals Jung uitgelegd heeft in zijn boek over dromen en andere boeken
 
Daarom blijf ik schrijven
Het is een klein wonder
Ik weet werkelijk niet waar ze vandaan komen
 
Het eind van het verhaal of gedicht is voor mij
nog altijd een verrassing…
 
Ik tast in het duister en weet niet
waar het verhaal of gedicht naar toe leidt
 
Het schrijft zich zelf
Wonderlijk
Ronald Pessy

Ik zoek je overal, in elke smetteloos blauwe Hollandse hemel

In elk lief wit wolkje dat eigenwijs die oneindige meteloosheid wil bereiken…
In elke nieuwe eerste dag op een frisse werkvloer…
betegeld met naakte hoop op de grondwettelijk beloofde gelijke kansen.
Ik zoek je in eerste verliefdheden, heftig kloppende harten.
In onze eerste danspassen samen, in nog onbeantwoorde intense smaakbeden.
Ik zoek je in je schuchtere, levensvreemde en o zo dappere jongere broer.
Verloren in het verleden… wachtend op weerzin of…
Ik kan je ergens vinden… in het geduld.

Heja

Verjaagd uit de Oost

Hij struinde door het hoge gras
Sneed zijn armen en benen open
Weggestuurd door z’n baas
Nog meer uit Polen
Maakte voor zijn verloren ouders
Z’n dito vrienden en het koninkrijk
Bootjes gevuld met z’n verdriet
Kon ie maar meevaren
Had alleen gratis toegang als
Onbevoegde zwerver in het militaire bos
Ik kwam je vingerafdrukken tegen

Jaap Blokdijk

Stilte

Toen wij nog jong waren en de wereld nog oud was
En wij in een ver land op hoge bergen stonden…
In Holland was het winter
Ik was net 71 jaar geworden
En liep op mijn laatste benen
Als ik nu niet weg ging

Dan stierf ik in dit koude kikkerland
Ik wil begraven worden 
Onder ruisende palmen
En rijstmaaltijden eten
In de tijd die me nog rest
Ik wil het leven tekenen
En beschrijven in verhalen en gedichten
Dit is mijn testament

Ronald Pessy

Kijk mij aan

Wat zie je als je mij aankijkt?
Vanuit jouw binnenwereld met al je eigen gedachten.
Zo zie je mij.

Wat zie je als je mij aankijkt?
Je ziet in mij je eigen schaduw waar je bang voor bent.
Dat zie je, vergroot in mij.
Het komt naar buiten als irritatie.
Jouw eigen frustratie zie je niet.
Het ligt allemaal aan de ander.
Zo zie je mij.

Wat zie je als je in vrijheid naar mij kijkt?
Zonder oordelen vanuit goed of fout.
Niet beoordelend naar mij.
Wel kijkend vanuit de non-dualiteit.
Dan zie je mij staan in mijn eigenheid.
Dan kijk je mij aan.

Wat zie je wanneer je in eerlijkheid naar jezelf kijkt?
Wat is er in jou dat jij je met iets bemoeit buiten jou?
Ik voel dat ik de spiegel ben voor de ander.
De ander is een spiegel voor mij!
Dan kijken we elkaar aan.

Wat zie je als je mij nu aankijkt?
We zijn allebei onderweg.
Ons eigen pad volgend.
Dat is voor mij vrijheid die ontstaat door eerlijk naar jezelf te kijken.
Door de ander er te laten zijn in haar en zijn eigenheid.
Dan hebben we echt contact.
Wanneer we beiden in de spiegel kijken, dan zijn we echt vrij.
We kijken elkaar dan aan!

Will Adelaar

Muziek en mijn broer

Muziek kregen we thuis mee door het zingen van Psalmen en Gezangen. Mijn vader kende er veel uit zijn hoofd. En dan mijn dolende oom Jan. Die kwam graag logeren en zat dan uitbundig op het harmonium te spelen. Van hem heeft mijn broer de eerste noten geleerd. Mijn broer werd de muzikant in ons gezin. Hij heeft al het koper wel bespeeld (ook de tuba, in de kelder!). Zijn opleiding kreeg hij bij de plaatselijke harmonie. Na drie maanden militaire dienst gaf hij zich met zijn dienstmaatje Willem Breuker op voor een muziekopleiding. Mijn broer Bram kwam door de selectie, Willem niet. Die is om het een of ander afgekeurd en heeft, zoals we weten, later een muziekcarrière gemaakt.
Mijn broer liet zijn trompet vooral in de kerk schallen. En hij kwam in een jazzband, die trad op schoolfeesten op, ook op mijn middelbare school. Ik kreeg er ineens vriendinnen bij; die wilden maar wat graag in de buurt van de bandleden komen. De band oefende eerst in een clubhuis, maar toen dat niet meer kon, vroeg mijn broer of het bij ons in de huiskamer mocht. Mijn vader ruimde de hele kamer uit. Bram moest wel de buren waarschuwen. Zo was ik elke zaterdag getuige van een invasie van leuke jongens met imposante instrumenten. De buurt kwam kijken. Het was swingen geblazen!

Sytske van Bochhove

Wie zouden we geweest zijn?

Een vraag die zo complex is dat er moeilijk een eenduidig antwoord op gegeven kan worden. Ik, die als klein onzeker meisje mijn hoofd niet boven het maaiveld uit durfde steken, staan voor wat ik diep in mijn hart voelde, beleefde. De aandacht op me gevestigd zien was al iets waar ik niet aan denken moest. Terwijl mijn geest elke keer in mijn oor fluisterde: “Kom doe het nou, wees een flinke meid!” Die welzijnsstaat heb ik vele malen voorbij laten gaan. Mijn vader voerde immers de boventoon, daar durfde ik niet tegenin te gaan. Belangrijker was bij hem in de gunst te blijven.
Het heeft mijn jonge leven beheerst. Het verleden heeft mij geholpen door diepe dalen te ploegen. Het was nodig door deze zware periodes te gaan, steeds een beetje meer. De schooltijd door. Mijn jeugd met al zijn ups en downs. Elke keer iets prijsgeven van de blokkades die mij gevangen hielden, of, een beter beeld: ik liet me gevangennemen.
Totdat de ketenen niet langer nodig waren en ik de weg zag die ik gaan wilde. Duidelijk, dat de heldere tijd aanbrak. Geen diepgewortelde pijn en verdriet meer. De zelfbedachte ketens verbreken en de vrijheid voelen. Mezelf uit de schaduw trekken en mezelf laten zien: wie ik ben en waar ik voor sta. Vrijheid van geest. Elkaar respecteren en liefhebben als jezelf. Dat is onze geschiedenis door de tijd heen. Dan is er geen morgen, geen verleden. De vrijheid is er altijd, altijd geweest.

Ada Klootwijk

Mijn Eerste Liefde

Mijn eerste liefde vond ik in tekenen.
Ik wilde kunstenaar worden.
Ik kwam uit het warme tropische Java op een koude winterdag op Schiphol aan.
Mijn zusje kreeg een pop en een zilveren gekleurde speld van de stewardess.
Ik kreeg een grote geelgroen plastic VW-busje en een goudkleurige speld.
Ik was een Indisch jongetje met een reusachtig minderwaardigheidscomplex.
Ik was acht jaar.
We werden in een pension geplaatst.
Op de Nederlandse lagere school werd ik een klas teruggezet.
Het was niet bevorderlijk voor mijn gehavende ego.

Mijn zusje vertelde toen ik 60 was, dat mijn vader verantwoordelijk was voor mijn degradatie.
Hij zei tegen de school: “Ik wil dat hij goed Nederlands leert, zet hem maar naar een lagere klas om de basis te leren.”
Ik lees al 60 jaar, maar had nooit iets geschreven. Totdat ik een herseninfarct kreeg. Mijn rechterhand kon niet schrijven, ik kon ook niet praten.

Maar na enige tijd kon ik weer tekenen. Maakte een collage bij mijn eerste gedicht. Ik herinner nog maar een regel: “Kon alleen dierengeluiden maken”.

Gaf het aan de receptioniste. Die las mijn gedicht en moest huilen. “Hee”, dacht ik: “misschien iets voor de toekomst”. Later in een impuls gaf ik me op voor workshops bij de OBA. Tot mijn verwondering kon ik meekomen met de hobbyschrijvers, voelde me als een vis in het water.

Na tien jaar schrijven weet ik nog steeds niet hoe ik schrijf. Ik beschrijf het alsof je op een radiostation afstemt; ik neem een onderwerp in gedachten en zet mijn verstand op nul, in plaats van muziek komt een verhaal uit mijn handen tevoorschijn.

Is dat niet vreemd? Ik noem het ‘in meditatie gaan’.

Mijn vader heeft zijn doel bereikt. Na 60 jaar ben ik goed in Nederlands. Ik ben de enige in de familie die verhalen en gedichten kan schrijven. Mijn eerste liefde is niet beantwoord.

Heb nooit iets bereikt in die 60 jaar met tekenen.
Heb meer succes in die 10 jaar met mijn tweede liefde.
Het schrijven.

Ronald Pessy

Verdwalen

Ik verdwaal in mijn gedachten.
Wij zijn aan het schaatsen, mama en ik. Ik vertrouw op haar.
Ik nip aan mijn warme chocolademelk met slagroom.
Dan gaat de bel, ik schrik op.
De harde werkelijkheid slaat toe:
Ik kan helemaal niet meer schaatsen.
Ik ben een verminkte ziel,
een lamme malloot.
Mijn leven is geen sprookje,
maar een nachtmerrie
vol duisternis.

Kheira

Parijs

In de nacht van Parijs
gingen wij samen op reis

Wij kenden elkander nog niet
maar de nacht had een verrassing in het verschiet

Dwalend door de stad in al zijn pracht bracht jij mij de liefde op mijn pad.

Stella

Raaskal

Sjors en Jimy en de rebellenclub.
In de Panorama en de bioscoop West-end en of het de nasynchronisatie was, het was nogal tam.
Spanky en zijn vriendenclub was een zooitje bij elkaar geraapt geharkt circus waar ook nog drank aan te pas kwam.

Our Gang Alfafa en more. De underdog Pipi was ook zoiets.

Vrijheid, blijheid. Jack Nicholson op de motor als MP in het gekkenhuis of een hotel.

Een rebel op en top underdog. En waar begon ik.

Bevel is bevel niet, het gras betreden: verboden.

Leo